Deze website gebruikt cookies om het gebruik van de website gemakkelijker te maken. Bezoek je deze website, dan ga je akkoord met deze cookies.
Verberg deze melding
Brakel Atmos
Taal
Menu

Hiaten in brandveiligheid bij combinatie onder- en bovengronds bouwen

« Terug

Er worden steeds meer (ondergrondse) parkeergarages gebouwd. Veel van deze parkeergarages horen bij appartementencomplexen, winkelcentra of woonzorgcomplexen. Voor zowel het ondergrondse als het bovengrondse gebouwdeel moet worden voldaan aan eisen ten aanzien van brandveiligheid en dagelijkse ventilatie. De veiligheid en de gezondheid van mensen staan hierbij uiteraard centraal, maar kunnen in het gedrang komen, als de systeemonderdelen in dit soort gebouwen niet of onvoldoende op elkaar zijn afgestemd. Helaas komt zo‘n gebrekkige afstemming in de praktijk nogal eens voor. De gebouwgebruiker wordt dan met vervelende consequenties geconfronteerd: frustraties en extra kosten die gemaakt moeten worden om de situatie te optimaliseren. In dit artikel gaan we na hoe afstemmingsproblemen ontstaan en hoe zij voorkomen kunnen worden.

Binnen één gebouw worden meestal meerdere brandveiligheidsinstallaties toegepast. Zo vindt men in de bovengenoemde panden vaak overdrukinstallaties, rookbeheersingssystemen, brandmeld- en ontruimingsinstallaties en verschillende vormen van compartimentering, die verspreid kunnen zijn over parkeergarages, atria, woningen, kantoor- en winkelruimten. Het is de bedoeling dat deze systemen in samenhang met elkaar functioneren. Daartoe worden Programma‘s van Eisen (PvE) opgesteld, waarin niet alleen de systemen en de besturingen worden beschreven, maar ook de eisen die gelden voor het specifieke gebouw en de eventuele afwijkingen van de regelgeving.

Communicatie

De PvE‘s zouden we de theoretische basis voor de brandveiligheid in een bepaalde situatie kunnen noemen. Wie mocht denken dat daarmee een verantwoorde praktijk gewaarborgd is, vergist zich echter. In de vertaalslag van PvE‘s naar de praktijk kan het nodige misgaan. Want hoe werkt het? In de bestekfase worden bouwkundige, elektrotechnische en werktuigbouwkundige onderdelen verdeeld onder aannemers, E-installateurs en W-installateurs. Die verdeling betekent automatisch dat de verantwoordelijkheid met betrekking tot brandveiligheid wordt verdeeld en bij verschillende partijen komt te liggen. Of deze samen tot een optimale uitvoering komen, is afhankelijk van ieders deskundigheid en van ieders vermogen om met de anderen te communiceren. Het spreekt vanzelf dat die communicatie des te lastiger is, naarmate bovenstaande partijen meerdere toeleveranciers bij een project betrekken. Situaties waarin meer dan tien toeleveranciers betrokken zijn bij de realisatie van brandveiligheid, zijn bepaald geen uitzondering. Als deze toeleveranciers scherp offreren, zullen zij bovendien geneigd zijn zich te concentreren op het eigen specialisme en zo min mogelijk tijd te investeren in de communicatie over afstemming op systeemonderdelen waarvoor men niet zelf verantwoordelijk is. Het is met name op dit punt dat ongemerkt hiaten in de brandveiligheid zullen ontstaan.

Wie is verantwoordelijk?

Gebouweigenaren, facilitair managers of gebouwbeheerders zullen de hiaten pas opmerken, als een brandveiligheidssysteem niet in zijn totaliteit blijkt te functioneren. Om te beginnen hebben zij dan een praktisch probleem: als er veel partijen bij de brandveiligheid betrokken zijn, is het heel lastig te achterhalen wie het disfunctioneren veroorzaakt. Het blijkt dan vaak dat bepaalde wettelijke eisen, zoals toepassing van brandwerende functiebehoud bekabeling, als gevolg van ruis in de communicatie niet zijn meegenomen. Met als gevolg dat systemen niet worden gecertificeerd en/of gebruiksvergunningen pas later worden afgegeven. Het alsnog verwerven van vergunningen/certificeringen gaat gepaard met extra kosten en veel ergernis. Ongewenste en onnodige complicaties. De gebouweigenaar die optimale zekerheid wenst, zal zelf vanaf de start van het project al certificering van het brandveiligheidssysteem verlangen. Daarnaast is het natuurlijk zo, dat brandweer en verzekeringsmaatschappijen steeds vaker de toepassing van een gecertificeerd systeem eisen.

Sinds de invoering van de wijziging in de woningwet op 1 april 2007 zijn gebouweigenaren zelf verantwoordelijk voor het functioneren van brandveiligheidssystemen. Bij calamiteiten zullen ze dan ook aansprakelijk gesteld worden.

Nasleep in het onderhoud

Brandveiligheidssystemen moeten te allen tijde functioneren en hebben dus regelmatig onderhoud nodig. Het probleem van gedeelde verantwoordelijkheid zal ook hier doorwerken. Er moeten onderhoudscontracten met meerdere bedrijven worden afgesloten. Bij elke storing moet men eerst zien te achterhalen welk systeemonderdeel de storing veroorzaakt. In de praktijk betekent dit vaak dat verscheidene bedrijven komen opdraven om de oorzaak van de storing te achterhalen en de storing te verhelpen. Dat gaat gepaard met de bijbehorende voorrijkosten en extra uren, o.a voor communicatie.

Goedkoop blijkt duurkoop

We constateren dat voor minimale kostenbesparing in het voortraject vaak de hoofdprijs wordt betaald in het natraject. We hebben het dan niet alleen over de kosten van systeemaanpassingen die aanzienlijk kunnen oplopen, maar ook over de moeizame contacten met verschillende leveranciers, die in eerste instantie de oorzaak voor problemen niet bij zichzelf zullen zoeken, maar naar anderen zullen wijzen. Niemand wil immers voor de kosten opdraaien of de verantwoordelijkheid op zich nemen.

Centralisatie biedt uitkomst

De oplossing voor de geschetste problemen met betrekking tot afstemming, communicatie en verantwoordelijkheid, is vrij eenvoudig. In een bouwtraject kan veel tijd en energie bespaard worden door het totale brandveiligheidsconcept – inclusief certificering – te centraliseren en de verantwoordelijkheid bij één partner te leggen die zowel op het gebied van branddetectie als rookbeheersing NCP-erkend* is. Brakel Atmos uit Uden heeft in diverse projecten deze regierol vervuld. Onze ervaring is dat de communicatielijnen met brandweer, opdrachtgevers en uitvoerende partijen op deze manier volstrekt helder zijn. Dit zal resulteren in een efficiënt bouwproces en kostenbesparing, doordat er sprake is van systeemintegratie. Daar komt nog bij dat er na oplevering eveneens aanzienlijk bespaard kan worden op service- en onderhoudskosten.

Delen:


Europe
BelgiŽ
Bulgarije
Cyprus
Denemarken
Duitsland
Estland
Finland
Frankrijk
Griekenland
Hongarije
Ierland
ItaliŽ
KroatiŽ
Letland
Litouwen
Luxemburg
Malta
Nederland
Noorwegen
OekraÔne
Oostenrijk
Polen
Portugal
RoemeniŽ
Rusland
SloveniŽ
Slowakije
Spanje
TsjechiŽ
Verenigd koninkrijk
Zweden
Zwitserland

Afrika
AustraliŽ
AziŽ
Noord-amerika
Zuid-amerika
Europe
BelgiŽ
Bulgarije
Cyprus
Denemarken
Duitsland
Estland
Finland
Frankrijk
Griekenland
Hongarije
Ierland
ItaliŽ
KroatiŽ
Letland
Litouwen
Luxemburg
Malta
Nederland
Noorwegen
OekraÔne
Oostenrijk
Polen
Portugal
RoemeniŽ
Rusland
SloveniŽ
Slowakije
Spanje
TsjechiŽ
Verenigd koninkrijk
Zweden
Zwitserland

Afrika
AustraliŽ
AziŽ
Noord-amerika
Zuid-amerika